Een plas met veel structuur
De Westeinderplassen bij Aalsmeer bestaan uit de Grote Poel, de Kleine Poel en een wirwar van eilandjes, sloten en rietkragen aan de oostkant — de oude seringenakkers. Juist die afwisseling maakt het water zo interessant voor roofvis: overal zijn overgangen van ondiep naar diep, beschutting en plekken waar witvis samenkomt. Vanaf een boot kun je al die structuur bereiken; vanaf de kant is het grootste deel niet toegankelijk.
Een vaarkaart van de plas ligt aan boord van elke visboot. Daarop zie je de vaargeulen, de ondiepe delen en de eilandjes, zodat je je dag kunt plannen.
Type stekken
- Rietkragen en oevers van eilandjes — de klassieke snoekstek in het najaar. Vis parallel aan de kant en let op inhammen en uitstekende punten.
- Vaargeulen en diepere kommen — als het water afkoelt trekt de vis naar de dieptes en de randen ervan. Snoekbaars en grotere baars zoek je hier, vaak verticaal of met een langzaam over de bodem gevist aas.
- Sloten en smalle doorvaarten — beschut bij wind, vaak wat warmer water en veel kleine vis. Goed voor baars met dropshot of kleine shads.
- Haventjes, steigers en bruggen — hout, palen en schaduw trekken vis aan. Vis rustig en zonder motor de laatste meters.
- Windkant — bij wind waait voedsel naar de aangewaaide oever; daar zit de witvis en dus de roofvis. Vis de aangewaaide kant als het veilig kan.
Per seizoen
Oktober–november: ondiep en langs het riet, veel actie op grotere shads en jerkbaits. December–februari: langzamer en dieper; vis de overgangen en de geulen, en houd rekening met korte dagen. Maart: gesloten tijd voor snoek — vis op baars en snoekbaars, en zet snoek direct terug. Vanaf 1 april tot de laatste zaterdag van mei is kunstaas groter dan 2,5 cm niet toegestaan.
Veilig en rustig
Blijf uit de vaargeul als je stil ligt, houd afstand tot andere vissers en zet de motor uit voor je een stek nadert. Meer praktische tips lees je bij tips voor de eerste keer bootvissen. Klaar om te gaan? Huur een visboot in Aalsmeer voor €150 per dag.